Het IEA heeft weer gesproken. Maar wie luistert er eigenlijk?

17 november 2011. Bijdrage geleverd door Peter Polder.

Een bijdrage van Simon Kalf, woordvoerder Peakoil Nederland

Zoals gebruikelijk begin november, heeft het Internationaal Energie Agentschap zijn jaarlijkse World Energy Outlook gepubliceerd. Een lijvig document met een uitgebreide analyse van de Energiesituatie in de wereld, met toekomst perspectieven reikend tot 2035.
Het IEA focust zich traditioneel op de fossiele brandstoffen olie, gas en kolen. Zij heeft in de WEO van 2008 voor het eerst de klimaateffecten van het gebruik van deze brandstoffen erkend: “Doorgaan op de “fossiele weg” is volstrekt onhoudbaar (Patently unsustainable)”. Toch heeft zij in 2009 en 2010 nog proberen duidelijk te maken dat wij zeker tot 2050 niet zonder grote hoeveelheden olie en gas kunnen. Hernieuwbare bronnen worden wel genoemd, maar speelden in de visie van het IEA een (langzaam) groeiende, maar een vooralsnog ondergeschikte rol.
In de WEO 2011 worden de klimaateffecten sterker dan ooit belicht. Althans in de presentatie van het rapport door Fatih Birol, de chef-econoom van het IEA vorige week in Den Haag. Het rapport zelf is, zo als gebruikelijk ambivalent. De lezer moet zelf de conclusies trekken:

Ja, de vraag naar energie zal tot 2035 met 30% stijgen. De wereldbevolking groeit en de vraag naar energie per aardbewoner groeit. Maar kunnen we ook aan die vraag voldoen?
Ja dat kunnen we, maar dat vergt enorme investeringen, minimaal $38.000 miljard, of wel $1.500 miljard per jaar tot 2035. Maar komen die ook beschikbaar? Zeer waarschijnlijk niet!

Fatih Birol is stelliger in zijn presentatie. “De monetaire crisis waar we nu in zitten kan eigenlijk alleen maar opgelost worden door de schuldenberg te verminderen. Dat concurreert met deze energie-investeringen. De fossiele energiesector wordt jaarlijks wereldwijd met een bedrag van $409 miljard gesubsidieerd. Door die subsidies af te schaffen, komt er $10.000 miljard tot 2035 beschikbaar, maar dat lijkt politiek onhaalbaar. De Arabische lente leidt er toe dat overheden in het Midden-Oosten en Noord Afrika (de MENA landen, waar de meeste olie en gas vandaan komt) allerlei sociale programma’s starten. Dat is consumptie en geen investering”.
Maar, gaat hij verder. “Stel dat die investeringen er wel komen, dan zal dat tot een verdere groei van de CO2 uitstoot leiden. Het b.a.u. doorgaan zal uiteindelijk leiden tot een temperatuurstijging van de atmosfeer van 6 graden C.” Het IEA stelt terecht dat dit het einde betekent van de wereld zoals we die nu kennen en waarschijnlijk van de mensheid. Maar zij stelt ook dat de geleidelijke implementatie van nieuw, mitigerend beleid, zoals nu geformuleerd, zal leiden tot een stijging van 3,5 graad, nog steeds veel meer dan het 2 graden niveau, waarvan aangenomen wordt dat het “veilig” is. De CO2 concentratie in de atmosfeer is dan 450ppm. Ter vergelijking, in het begin van het industriële tijdperk was dat nog 280ppm.
De WEO 2011 beschrijft dan ook twee scenario’s: Het “Nieuw Beleid” scenario, leidend tot een temperatuurstijging van 3,5 graad, en het “450 ppm CO2” scenario, met max. 2 graden stijging.
En dan komt de echte ambivalentie om de hoek kijken. Het “Nieuw Beleid” scenario wordt uitbundig beschreven, terwijl het tegelijkertijd afgekeurd wordt, want uiterst schadelijk. Het voorkeurscenario “450 ppm CO2”wordt daar wel tegenover gesteld, maar tegelijker tijd worden grote vraagtekens gezet bij de politieke en financiële haalbaarheid ervan.
Saillant voorbeeld is de zgn. “lock-in” factor van de energie-infrastructuur. In het 450ppm scenario kunnen er geen kolencentrales meer gebouwd worden, want dat betekent 40 jaar lock-in door de meest vervuilende fossiele brandstof. Tegelijkertijd moeten de meeste bestaande kolencentrales uit productie worden genomen, meestal vóór het einde van de technische levensduur en dat is een zeer kostbare zaak.

De uiteindelijke conclusie van Fatih Birol was: “Als we vóór 2017 geen wereldwijd en afdwingbaar Klimaatverdrag hebben, dan zijn we op termijn verloren. Geen enkel nieuw beleid zal dan het tij nog kunnen keren”. Dat is nogal een uitspraak voor een vooraanstaand adviesorgaan van de OESO-landen. Maar hij heeft wel gelijk!

Gezien de historie van 20 jaar klimaatconferenties lijkt de kans op het in werking treden van zo’n verdrag vóór 2017 uiterst klein. Resultaat: een onontkoombare klimaatcrisis.
Er is één mogelijke uitweg. Als de prognoses van het fossiele energieverbruik überhaupt niet haalbaar blijken te zijn, als eindelijk erkend wordt dat de weg van de fossiele brandstoffen een doodlopende weg is, zullen we gaan inzien, dat overschakeling naar en investering in volledig hernieuwbare energie, zo snel mogelijk gerealiseerd moeten worden. Wat zijn die prognoses?

Olie. De WEO 2011 stelt dat we in 2035 47 miljoen vaten per dag conventionele olie tekort zullen komen, bij een huidig verbruik van 70 miljoen vaten per dag. Dat tekort moet gecompenseerd worden door onconventionele olie (teerzanden, leisteenolie, Arctische diepzeeolie, etc.). Maar stelt Fatih Birol, dat moet wel gebeuren binnen aanvaardbare grenzen van bedreiging van het leefmilieu. Afgezien van de vraag of dat getal van 47 miljoen vaten correct is (het zal aantoonbaar meer zijn), die milieubeperking maakt compensatie tot een illusie. Kijk alleen maar naar de exploitatie van de teerzanden en de bedreiging van het mariene milieu door diepzeeboringen. Bovendien, de marginale kosten van de oliewinning stijgen nu al explosief. Deze bedragen inmiddels rond $100 per vat, tegen $20 in 2000.
Gas. Het IEA heeft het over “De Gouden Eeuw van het Gas”, maar wel binnen “Gouden (Milieu) Regels”, die de gasindustrie zich zelf moet opleggen. Die Gouden Eeuw is vooral gebaseerd op onconventioneel gas (Schalie- en Steenkoolgas). Die Gouden Regels zijn daar nog ver te zoeken.
Kolen. Dat is volgens Fatih Birol een “vergeten” brandstof, althans tijdens energieconferenties, maar niet in de praktijk. In het “Nieuw Beleid” scenario is de stijging van de op kolen gebaseerde energie opwekking bijna net zo groot als de stijging van Olie en Gas samen. En dat is dan weer gebaseerd op het feit dat er nog steeds een kleine 1,5 miljard mensen verstoken zijn van elektriciteit en nodig aan het net moeten. Maar is dat reëel? Is het wel mogelijk om zoveel kolen te winnen en over de aarde te verslepen? De prijzen stijgen snel, van 20$ per ton in 2000, naar 100$ per ton in 2010, terwijl ook nog eens de kwaliteit sterk afneemt Dus moet er meer van gebruikt worden bij gelijke energieopbrengst. Daarbij stelt het IEA nu ook nog. dat de beloftes van CO2 afvang en opslag (CCS) maar beperkt waar gemaakt zullen kunnen worden.

Dit is een zeer bedreigende situatie, want het zal leiden tot een ernstige energiecrisis. Alleen al de afname van de olieproductie heeft een enorme maatschappelijke impact. Immers, 98% van alle transport afhankelijk van olie en 70% van alle olie gaat naar de transportsector.
Iedereen weet dat fossiele brandstoffen eindig zijn en dus opraken. Maar helaas, te weinig mensen realiseren zich dat een statement: “We hebben nog voor 40 jaar olie” niet inhoudt dat we nog 40 jaar op gelijk niveau kunnen blijven produceren en we dan op een ochtend wakker worden en “Oeps…de olie is op”. Nee dat gaat geleidelijk en dat pad naar beneden is geplaveid met grote economische gevolgen. Fatih Birol voorspelt op korte termijn, binnen twee jaar, een olieprijs van $150 per vat. Dat is overigens in tegenspraak met cijfer uit zijn eigen WEO, maar het is zeer aannemelijk, gezien de snel slinkende reserves en onmogelijkheid tot snelle compensatie door onconventionele olie. Het olieverbruik in de OESO daalt weliswaar licht, vooral door zuiniger motoren, maar het gebruik in opkomende economieën stijgt sterk. China zet in 2011 14 miljoen nieuwe auto’s op de weg en India gaat ook die kant op. Fatih Birol: “De beslissingen op het terrein van energie die er voor Europa toe doen, worden in Peking, Delhi en Moskou genomen”, want Rusland is inmiddels dé energieleverancier van Europa, van olie én gas.
Een quote: “Europa delibereert over de vraag of er 20 of 30% reductie op CO2 uitstoot moet komen. Het verschil zal in de praktijk net zo groot zijn als de uitstoot van China in twee weken”.

Gegeven het feit dat het IEA de belangrijkste bron voor OESO regeringen is om hun energiebeleid op te baseren, zouden deze uitspraken op zijn minst de aandacht van bestuurders moeten trekken. Niets dat daarop lijkt. Een voorbeeld: Minister Verhagen was bij de presentatie van Fatih Birol aanwezig. Hem werd de WEO 2011 aangeboden. In zijn dankwoord gaf hij er totaal geen blijk van dat de ernst van de situatie tot hem doorgedrongen was. Geen enkel teken van een verhoogd gevoel van urgentie was bij hem te bespeuren. Integendeel, hij beriep zich op de “Green Deals”, om aan te geven dat hij, dus Nederland, op de goede weg is. Dat is uiteraard veel te weinig om het tij te kunnen keren. Ook vanuit het aanwezige publiek en media kwam geen enkele reactie. Blijkbaar moet de wal het schip keren, maar dan is het wél veel te laat!

Bijdrage geleverd door Peter Polder · Gearchiveerd onder Kort nieuws 

Reactie’s

blog comments powered by Disqus